Porcellio laevis

Nederlandse naam: Gladde pissebed

System-Map-icon

Gladde pissebed

Beschrijving:

Een grote soort die in tegenstelling tot andere Belgische Porcellio-soorten glad is. De Gladde pissebed is egaal bruingrijs met soms een onduidelijk vlekkenpatroon. Het eerste segment na de kop heeft een erg kenmerkende vorm doordat de achterhoek een afgeronde rechte hoek vormt en niet naar achteren steekt. De antenne­flagel telt twee leedjes en er zijn twee paar pleopodale longen. De frontale driehoek is stomp puntig (minder scherp dan bij Ruwe pissebed) en de laterale lobben zijn enigszins rond van vorm. Het telson is puntig. De uropoden zijn spitser in vergelijking tot andere Porcellio-soorten. Bij microscopisch onderzoek is het eerste pleopodenpaar van het mannetje kenmerkend. 15 – 18 mm.

Habitat:

Een soort die in België na 1990 uitsluitend in oude boerderijen gevonden werd. Gladde pissebedden worden dan vaak samen aangetroffen met Brede pissebedden of Berijpte pissebedden. In de periode 1991-1993 werden in de ruime omgeving van Tienen 39 boerderijen doorzocht en in zes ervan werd de soort gevonden. De eerste van de twee recente locaties (na 2000) betrof een oude paardenstal waar de soort tussen vochtige stenen gevonden werd in 2015. Deze stal werd in 2017 echter gerenoveerd en de soort kon erna ondanks intensief zoekwerk niet teruggevonden worden. Ook een aantal opnieuw bezochte boerderijen waar Gladde pissebed in de periode 1991-1993 waargenomen werd, bleken ondertussen gerenoveerd of volledig opgeruimd te zijn en bijgevolg de soort niet meer te huisvesten. Dit maakt dat er op heden slechts één locatie gekend is waar Gladde pissebed nog effectief voorkomt. Het betreft een paardenstal in Fallais (provincie Luik) waar één zwanger vrouwtje gevonden werd. Het is moeilijk te voorspellen of de soort nog op veel andere plaatsen in België gevonden kan worden en of de soort nog lang zal standhouden in België. De soort kan best zeer specifiek in oude paardenstallen van nog actieve boerderijtjes gevonden worden tussen stro, hout en voederresten.

Verspreiding in België:

Zeer zeldzaam, slechts twee waarnemingen na 2000 en telkens werd maar één enkel exemplaar gevonden.

EN

Very rare with only two records from the 21st century. Anthropogenic species. Found in (horse) stables on old, small-scale farms under hay, old wood and feeding debris. Probably declining across the country and almost extinct due to the disappearance of its habitat and increasing hygiene on farms.

FR

Très rare: seulement deux données au 21e siècle. Espèce anthropique. Trouvé dans des écuries d’anciennes petites fermes sous du foin, du vieux bois et des restes de nourriture. Probablement en déclin à travers tout le pays et au bord de l’extinction à cause de la disparition de son habitat conjugué à l’hygiène croissante dans les exploitations agricoles.

Verspreiding in buurlanden:

Een Zuid-Europese en Noord-Afrikaanse soort, maar is door de mens in verschillende delen van de wereld geïntroduceerd. Ook in onze buurlanden wordt de soort minder en minder gevonden doordat er steeds minder oude, kleine boerderijtjes met veel rommelhoekjes zijn.

Literatuur:

Vandel (1960, 1962), Gruner (1966), Hopkin (1991), Berg & Wijnhoven (1997).

Afdrukken E-mail

© 2014-2020 - Spinicornis.be