Porcellionides pruinosus

Nederlandse naam: Berijpte pissebed

System-Map-icon

Gert Arijs 20200210 135252 9497 bewerkt

Beschrijving:

De soort heeft een blauw-grijs of bruinachtig voorkomen met een heel typische “berijping” overheen het lichaam. Deze “satijnen” violette glans wordt veroorzaakt door microscopisch kleine schubjes die het hele lichaam bedekken. Hierdoor lijkt het alsof de diertjes met een fijn poeder bestoven zijn. Het pereion gaat in een hoek over naar het pleon. Zeer kenmerkend zijn de contrasterend wit en grijs gekleurde antennen. De antenneflagel is tweeledig. Er is geen frontale lob en de laterale lobben zijn zwak ontwikkeld. De combinatie van deze kenmerken maakt dat de soort zeer makkelijk van andere soorten te onderscheiden is. Bij microscopisch onderzoek is het eerste pleopodenpaar van het mannetje kenmerkend. 6 – 10 mm.

Habitat:

Een soort die in België nagenoeg uitsluitend in bebouwde omgevingen gevonden wordt. Het meest typische habitat zijn composthopen in tuinen. De soort is hierin vaak samen met Ruwe pissebed de dominante soort en in grote aantallen aanwezig. Belangrijk voor de soort lijkt een goede afwisseling van groente- en fruitafval met bladeren van bomen. De soort zit dan meestal op de grens van vochtig en droog materiaal. In hopen met enkel gras, bladeren of takken is de soort meestal niet te vinden. Ook in oude stallen en schuren op de boerderijen is de soort soms te vinden, al dan niet vergezeld van soorten als Brede pissebed en Ruwe pissebed. De soort is warmteminnend en kan populaties vormen in bijvoorbeeld bosranden wanneer hier groenafval gestort werd. Een waarneming uit een vermolmde boomholte te midden van een weiland doet vermoeden dat de soort ook kan standhouden in meer natuurlijk habitat eens ze zich kan vestigen, wat door een opwarmend klimaat vaker kan voorkomen in de toekomst. Dat er veel meer waarnemingen van Berijpte pissebed in Vlaanderen en Brussel dan in Wallonië zijn, valt grotendeels toe te schrijven aan het feit dat er na 2000 veel meer geschikte habitats doorzocht werden in Vlaanderen en Brussel. De soort is het beste te vinden door composthopen te doorzoeken of het materiaal te zeven.

Verspreiding in België:

Algemeen in Vlaanderen, maar minder algemeen in Wallonië.

EN

Common in the north but rather rare in the south. Almost exclusively found under anthropogenic circumstances and mostly associated with compost heaps of fruit and vegetable waste in combination with leaves. Also, found in forest edges where green waste was dumped. Will probably colonise more natural habitat in the future because of climate change.

FR

Commun au nord mais rare au sud. Presque exclusivement trouvé en milieu anthropique, surtout dans des tas de compost contenant des déchets de fruits et légumes et des feuilles. Également en lisière de forêt là où des déchets verts ont été déversés. Colonisera probablement davantage d’habitats naturels à l’avenir en raison des changements climatiques.

Verspreiding in buurlanden:

Van oorsprong een soort van het Middellandse Zeegebied, die over de hele wereld verspreid geraakt is door de mens.

Literatuur:

Vandel (1960, 1962), Gruner (1966), Hopkin (1991), Berg & Wijnhoven (1997).

Afdrukken E-mail

© 2014-2020 - Spinicornis.be